Recent is het bestuur van onze vereniging ter ore gekomen dat er enige spanningen zijn tussen een aantal werkers in onze maandagmiddagploeg. Het volgende is namelijk het geval. Voor de werker worden werkzaamheden gezocht passend bij hun de fysieke en psychische kwaliteiten, waarbij o.a. ook rekening wordt gehouden met het arbeidsverleden. Voor het toetreden tot werkersploeg geldt een zorgvuldige selectie en inwerkprogramma. Om niet teveel schade aan te richten wordt vaak begonnen met het mos tussen de straattegels wegsteken, voordat men in de buurt van een veld mag komen. Een aantal oud gedienden zijn in al die jaren opgeklommen tot chef madeliefjes steken en een ander mag na het verhogen van onze aansprakelijkheidsverzekering zich op een grasmaaier begeven. Dat dan toch nog enige coördinatie nodig is blijkt uit het feit dat de mannen enige moeite hebben met de volgorde. De madeliefjessteker had zich na maandenlange afwezigheid vanwege de coronaregels uitermate verheugd om zijn verantwoordelijke taak met verve uit te voeren. Echter de grasmaaier, al niet bekend om zijn fijngevoelige aanpak, had in de dagen daarvoor alle madeliefjes vakkundig onthoofd, waardoor de steeltjes van de madeliefjes onherkenbaar tussen grassprietjes stonden. De verwensingen gingen over en weer. Ons is nog niet bekend of zij inmiddels, zover dat mogelijk is, weer vrienden zijn. Ons kunstgras lijkt voor beide uitkomst, al achten wij het niet uitgesloten dat de grasmaaier ook daar zijn destructieve werk voortzet. Ook de madeliefjessteker is al wanhopig op zijn knieën op het A-veld gesignaleerd. Wij houden het vervolg nauwgezet in de gaten.